Boektip 8: Help! Mijn kind heeft faalangst

Voor wie?
Ouders van pubers met (vermoedelijke) faalangst. Ook een zinvol boek voor leerkrachten/ mentoren op basisscholen en middelbare scholen.

Waarom lezen?boek! Help mijn kind...faalangst
Faalangst komt veel voor bij jongeren: uit onderzoek blijkt dat ongeveer 1 op de 8 pubers tussen 10 en 13 jaar veel last heeft van faalangst. Dit boekje (90 pagina’s) geeft helder weer wat faalangst precies is en welke ‘soorten’ faalangst er zijn. Veel mensen hebben het volgende beeld van een jongere met faalangst: de jongen of het meisje is de hele dag door bezig met huiswerk en met leren om een zo hoog mogelijk cijfer voor een toets te halen en komt zeer gespannen over bij een toets. In dat geval is er sprake van een duidelijke actieve faalangst. Er zijn echter ook jongeren met passieve faalangst: ze ‘gooien met de pet’ naar hun schoolwerk, kletsen teveel in de klas, ze laten soms opstandig gedrag in de klas zien of ze kunnen zelfs gaan spijbelen. Deze jongen of dit meisje heeft na een aantal slechte cijfers namelijk het (zelf)vertrouwen verloren dat hij of zij nog goede cijfers kan behalen. ‘Opstandig gedrag’ van een kind komt vaak voort uit angst en onzekerheid. Herberd Prinsen laat dus zien dat het belangrijk is om eerst altijd goed te kijken naar de reden van bepaald gedrag van je kind. Daar sta ik helemaal achter!

De theorie in dit boek wordt afgewisseld met voorbeelden van jongeren, wat het boekje levendiger maakt. Ook worden er tips gegeven voor vragen die je kunt stellen aan je kind om de faalangst bespreekbaar te maken. Verder staan er concrete ontspanningsoefeningen en oefeningen voor meer zelfvertrouwen in het boek. Ik vind dat dit boek echter ook nadelen heeft. Er worden gezinstherapeutische theorieën als beïnvloedende factoren besproken, met termen als loyaliteit en roulerende rekening. Lezers die vooral op zoek zijn naar praktische tips, zullen sommige stukken dan ook ‘wollig’ en ‘droog’ kunnen vinden. Andere lezers zullen deze verdiepende teksten juist wel interessant vinden. Verder zijn de zinnen soms erg lang, wat niet altijd lekker leest. Ook wordt niet expliciet uitgelegd hoe een faalangsttraining op school meestal in zijn werk gaat. Ondanks deze minpunten kan ik het boek aanraden als je meer wil weten over faalangst.